Materialendecreet: asbest in jeugdinfrastructuur
We brachten advies uit over de wijzigingen aan het materialendecreet en het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid (DABM), met specifieke aandacht voor asbest in jeugdinfrastructuur.
De nieuwe regels zorgen ervoor dat gebouwen waar kinderen en jongeren samenkomen sneller een asbestattest moeten hebben. Uiteraard steunen we de ambitie om Vlaanderen tegen 2040 asbestveilig te maken. Tegelijk willen we benadrukken dat deze versnelling haalbaar moet blijven voor jeugdorganisaties en eigenaars van jeugdgebouwen.
Kinderen en jongeren moeten kunnen samenkomen in gezonde en veilige gebouwen. We zijn dus blij dat jeugdgebouwen voorrang krijgen bij de aanpak van asbest en er breed naar jeugdgebouwen wordt gekeken: het gaat om alle plekken waar kinderen en jongeren in hun vrije tijd samenkomen. Tegelijk komen er steeds meer regels bij voor jeugdinfrastructuur, zoals rond energie, brandveiligheid en toegankelijkheid.
Als de verplichting voor een asbestattest sneller ingaat, moet dat haalbaar blijven. Eigenaars hebben tijd en ondersteuning nodig om asbest vast te stellen en ook effectief te verwijderen. Wij maken ons zorgen over de timing, want asbest verwijderen vraagt vaak grote werken en veel middelen.
Zorg voor ondersteuning
Omdat veel jeugdorganisaties geen eigenaar zijn van hun gebouw, is het belangrijk dat eigenaars informatie over asbest delen. Niet alleen met de deskundige, maar ook met gebruikers en huurders. Zij hebben recht op duidelijke informatie over mogelijke risico’s.
Een versnelling van de verplichting van asbestinventarisattesten moet hand in hand gaan met haalbare en praktische afspraken, regelgeving, ondersteuning en de nodige protocollen.
Daarnaast blijft ondersteuning nodig, zowel voor het attest als voor het verwijderen en ophalen van asbest. Lokale besturen spelen daarbij een belangrijke rol en moeten mee zorgen een vlotte en veilige ophaling.
Bij uitzonderingen op de regels moet rekening worden gehouden met de situatie van jeugdorganisaties. Voor grote daken en gevels vragen we om de deadline te verschuiven van 2034 naar 2036 voor wie tijdig een attest heeft.
Tot slot vragen we een goede opvolging van de asbestattesten, zodat organisaties en lokale besturen overzicht krijgen op hun gebouwen. Nieuwe verplichtingen rond energie mogen ook geen extra administratieve last veroorzaken.
De adviespunten:
Zorg voor een haalbaar parcours voor eigenaars nu de periode om een asbestinventaris op te maken wordt ingekort.
Erken de brede invulling en definitie van gebouwen die door de jeugd worden gebruikt.
Verplicht eigenaars om informatie te delen met de asbestdeskundige én de gebruikers/huurders. Houd rekening met de gevarieerde vormen van eigenaarschap die spelen bij organisaties die zich richten op kinderen en jongeren.
Blijf eigenaars en verenigingen ondersteunen om asbest na vaststelling en attestering, ook daadwerkelijk te verwijderen en op te halen.
Voorzie waar nodig uitzonderingen op deze regelgeving, ook specifiek voor jeugdorganisaties en voorzie ook duidelijke informatie over de gevolgen wanneer een attest niet in orde is.
Voorzie in het kader van sterke monitoring ook de mogelijkheid voor organisaties om een zicht te krijgen op lokale gebouwen.
Beperk bijkomende administratieve planlast bij het toevoegen van het Global Warming Potential aan het energieprestatie-attest van gebouwen.