header.back to home

Met de klimaatconferentie in Belém in zicht bereikte de EU eindelijk een akkoord over haar uitstootdoel voor 2040. Maar België onthield zich opnieuw. Joanna Wils en Caroline Herman, VN-jongerenvertegenwoordigers voor duurzame ontwikkeling bij de Vlaamse Jeugdraad, vragen zich af waarom ons land halsstarrig afzijdig blijft in een tijd waarin klimaatactie dringender is dan ooit.

Met de hete adem van aankomende klimaatonderhandelingen in de nek, heeft de EU eindelijk een akkoord bereikt over haar uitstootdoel voor 2040. Al voor de zomer lag er een voorstel van de Europese Commissie op tafel, maar pas na nachtelijke onderhandelingen – amper een week voor de klimaatconferentie in Belém (Brazilië) – viel er een beslissing. Dat er uiteindelijk een akkoord kwam, is niet onze verdienste: België onthield zich in de stemming. 

Die Belgische onthoudingen lijken stilaan een traditie te worden in het Europese wetgevingsproces. Eerder onthield ons land zich al in een stemming over het carbon border adjustment mechanism, dat extra kosten oplegt aan producten die de EU binnenkomen, afhankelijk van hun CO2-uitstoot. Ook bij de natuurherstelwet hield België zich afzijdig, terwijl de Belgische natuur in erbarmelijke staat verkeert. Dat we na regeringswissels opnieuw stranden op een onthouding, is bijzonder teleurstellend.  

Ambitie met gaatjes 

Op papier lijkt het bereikte akkoord best ambitieus: de Commissie behoudt haar doel van 90% minder uitstoot tegen 2040. Maar wie iets dieper kijkt, ziet dat er flink wat gaten in de doelstelling zijn geprikt. Waar oorspronkelijk maximaal 3% van de uitstootreductie mocht komen uit de aankoop van koolstofkredieten buiten Europa, is dat nu opgetrokken tot 5%. Zulke kredieten zijn niet altijd betrouwbaar, waardoor het doel fors wordt afgezwakt. Bovendien is flexibiliteit ingebouwd die de eigen ambitie tot 85% kan laten zakken.

"Het grootste probleem lijkt typisch Belgisch: ons klein, complex georganiseerd land slaagt er niet in om federaal en regionaal op één lijn te komen."

Joanna Wils en Caroline Herman

Dat België zich zelfs bij zo’n afgezwakt voorstel onthoudt, is pijnlijk. Wat hopen we daarmee te bereiken? De EU wil haar uitstoot tegen 2030 met 55% verminderen en tegen 2050 klimaatneutraal zijn. Tenzij de onthouding deel uitmaakt van een bewuste vertragingstechniek, heeft ze weinig nut. Een zwakker doel voor 2040 betekent dat er nog meer druk komt te liggen op de periode tussen 2040 en 2050 – een gemakkelijke beslissing vandaag die het de volgende generatie nog moeilijker zou maken. 

Interne verdeeldheid 

Het grootste probleem lijkt typisch Belgisch: ons klein, complex georganiseerd land slaagt er niet in om federaal en regionaal op één lijn te komen. En dat terwijl milieu- en klimaatproblemen vragen om internationale samenwerking. Dat maakt ons internationaal  een onbetrouwbare partner – zowel binnen de EU als daarbuiten.  

Volgende week starten de wereldwijde klimaatonderhandelingen in Belém. Europa wil daar een voortrekkersrol spelen en andere landen aanmoedigen om hun ambities op te trekken. Maar de EU heeft al twee deadlines gemist om haar klimaatambities voor 2035 in te dienen onder het Klimaatakkoord van Parijs. Het plan dat nu op tafel ligt blijft vaag en weinig ambitieus. Mocht daar nog verandering in komen, zal dat wellicht niet dankzij België zijn. 

Kop uit het zand 

Het is hoog tijd dat België stopt met haar onthoudingspolitiek en eindelijk verantwoordelijkheid neemt voor ambitieus en wetenschappelijk onderbouwd klimaatbeleid. Voor een duurzame en leefbare toekomst rekenen wij, jongeren, voorlopig op andere leden van de Raad  van de EU met klimaatambitie en langetermijnvisie. Hopelijk kunnen we daarvoor binnenkort ook op onze eigen beleidsmakers rekenen. Wat in Brussel niet lukte, lukt misschien wél in Belém.

Ook interessant...

  • #Klimaat
  • #Beleid
Event
  • #Digitale leefwereld
  • #Europa
  • #Internationaal
  • #Adviesraad
  • #Beleid
Advies