Femke blikt terug op het Human Rights Forum: “The world is on fire, but we are too”.
Femke Dreezen
Vorige maand reisde Femke Dreezen, VN-jongerenvertegenwoordiger Jeugd en Kinderrechten, naar Boedapest voor het Unleashing Human Rights Forum. Dit event stond volledig in teken van mensenrechten(educatie): vóór, met en door jongeren. Samen met jonge activisten van over de hele wereld ging Femke in gesprek over hoe mensenrechteneducatie sterker, toegankelijker en breder inzetbaar kan worden. Overal, en voor iedereen.
Een forum rond mensenrechteneducatie?
Je leest het goed! In december bevond ik mij in hartje Boedapest, samen met honderden jonge activisten van over de hele wereld. We kwamen bijeen om samen na te denken over de toekomst van mensenrechteneducatie. Dit initiatief werd gefaciliteerd door het Youth Department van Council of Europe en het UN Office of the High Commissioner for Human Rights (OHCHR), in samenwerking met Amnesty International en het European Youth Forum.
Het doel van het forum was duidelijk: mensenrechteneducatie kritisch onder de loep nemen en samen input verzamelen over uitdagingen en kansen, met als einddoel drempels wegwerken. Het forum bood jonge mensenrechtenactivisten en -educatoren een veilige en inspirerende ruimte om elkaar te ontmoeten, ervaringen uit te wisselen en kritisch te reflecteren op mensenrechten en de manier waarop we daarover leren.
Bovenal was het een plek waar jonge stemmen met elkaar in dialoog gingen en waar de focus lag op hoe jongeren vandaag - en morgen! - naar mensenrechten kijken. Voor mij was dat misschien wel het meest waardevolle aspect van het hele forum.
Een sterke democratie als startpunt
Doorheen het forum lag de focus sterk op het belang van een stabiele democratie als voorwaarde voor kwaliteitsvolle mensenrechteneducatie. We bleven stilstaan bij de huidige staat van de wereld - met conflicten, klimaatverandering en toenemende ongelijkheden - die democratische systemen steeds meer onder druk zet.
Elena Ippoliti, coördinator van de mensenrechteneducatie-unit bij OHCHR, blikte hierop hoopvol terug. Volgens haar kan mensenrechteneducatie net in tijden van crisis houvast bieden: een manier om mensenrechten als kompas te gebruiken bij het vormgeven en navigeren van onze samenleving. Daarbij speelt het perspectief van jongeren een cruciale rol. Jongeren worden gezien als onmisbare actoren in publieke beleidsvorming, zeker wanneer het gaat over de meest fundamentele aspecten van mensenrechten.
Deze rode draad kwam sterk naar voren in de verschillende panelgesprekken, met bijdragen van organisatoren, experten uit het mensenrechtenveld en jonge mensenrechteneducatoren. De panelleden erkenden dat wij, jongeren, een drijvende kracht zijn in het in vraag stellen van bestaande systemen en politieke keuzes, en dat we essentieel zijn voor het versterken van het collectieve belang.
Ook niet-formele vormen van mensenrechteneducatie, zoals vrije tijd, jeugdwerk en dialoog, werden expliciet in de kijker gezet. Ze maken mensenrechteneducatie niet alleen laagdrempeliger, maar ook relevanter en meer afgestemd op de leefwereld van jongeren.
Groeien in een krimpende publieke ruimte
Naast de panelgesprekken bestonden de drie dagen ook uit werkgroepen, workshops en plenaire sessies. In die sessies werden de kernpunten van elke werkgroep telkens teruggekoppeld en samengebracht. De werkgroepen boden ruimte om actief input te geven rond het brede thema van mensenrechten(educatie).
Mijn bijdrage bouwde voort op mijn persoonlijke ervaringen als vrijwilliger en activist, maar werd versterkt door de standpunten en adviezen van de Vlaamse Jeugdraad én door de politieke dynamieken die Vlaanderen en België kenmerken.
"Erken dat wat jongeren - vaak op informele wijze - doen, mensenrechtenwerk is. Hetzelfde geldt voor jongerenorganisaties: zij zijn inherent mensenrechtenorganisaties."
Ik koos ervoor om deel te nemen aan een werkgroep rond shrinking civic space, ofwel de krimpende publieke ruimte. Tijdens deze workshop herkende ik veel gelijkenissen met de context waarin andere activisten hun engagement opnemen en hun stem laten horen.
Krimpende publieke ruimte is allerminst een abstract begrip: budgetbeperkingen, de groeiende kloof tussen burger en beleidsmaker en het criminaliseren van protest en mensenrechtenorganisaties vormen wereldwijd een reëel en groeiend probleem. De workshop bood ruimte om creatief - en vooral collectief - na te denken over alternatieven voor publieke meningsuiting, met de blik op vooruitgang en verandering, in plaats van het vasthouden aan de status quo.
Een aantal inspirerende inzichten voor jou en mij:
1. Digitale ruimtes (zoals sociale media) bieden nieuwe kansen om rechten als vrije meningsuiting, protest en expressie te blijven uitoefenen. De wereldwijde Gen Z-protesten tonen duidelijk aan dat engagement zich vandaag niet alleen offline, maar ook - en soms vooral - online afspeelt.
2. Artistieke benaderingen vormen een krachtige manier om een fysiek krimpende publieke ruimte te ‘omzeilen’. Kunst, theater en muziek maken duidelijk dat expressie verder reikt dan woorden alleen. Er bestaan talloze manieren om te experimenteren met je recht op expressie — een uitnodiging om te ontdekken en te creëren.
3. Binnen het maatschappelijk middenveld wordt nog te weinig gesproken over uitdagingen zoals het chilling effect en activist burn-out. Het eerste verwijst naar ontmoediging door angst en het aanvaarden van de bestaande orde, het tweede naar emotionele uitputting en wanhoop die activisme ondermijnen. Deze fenomenen komen wereldwijd voor, maar worden te weinig benoemd, besproken en erkend. Net daarom is het essentieel om te blijven praten, gemeenschap te versterken en bruggen te bouwen - ook wanneer de (publieke) ruimte steeds kleiner lijkt te worden.
Mensenrechten zijn sexy
Dit forum was mijn eerste buitenlandse ervaring als VN-jongerenvertegenwoordiger Jeugd en Kinderrechten. Jongerenparticipatie beleven op een internationaal en hands-on niveau werkte bijzonder inspirerend. In dialoog gaan over concrete thema’s, vanuit uiteenlopende leefwerelden, maakt duidelijk hoeveel kracht er schuilt in internationale uitwisseling.
Ondanks de drukke planning en de beperkte tijd, zette het forum me aan het denken over het dominante perspectief op mensenrechten(educatie) en jongeren. Daarom deel ik graag twee persoonlijke hersenspinsels:
1. Het huidige mensenrechtenperspectief mist nog te vaak een jongerenperspectief.
Er wordt snel gesproken over het ‘verjongen van het mensenrechtenkader’ of over het ‘sexy maken’ van mensenrechtenthema’s. Tot op zekere hoogte volg ik die redenering: ja, deze kaders moeten jeugdvriendelijker worden in taal en toegankelijkheid. Maar dat betekent niet dat jongeren vandaag geen aandacht hebben voor bestaande mensenrechtenkaders. Integendeel, we beschouwen mensenrechten al als relevant – als “sexy”. We laten massaal onze stem horen rond thema’s die ons aanbelangen.
Het is dan ook belangrijk om instellingen en organisaties eraan te herinneren dat waar jongeren over spreken en actie rond voeren, in essentie mensenrechten zijn. Erken dat wat jongeren - vaak op informele wijze - doen, mensenrechtenwerk is. Hetzelfde geldt voor jongerenorganisaties: zij zijn inherent mensenrechtenorganisaties.
2. Mensenrechteneducatie gaat over ont-leren door ontmoeting.
Mensenrechteneducatie vraagt ruimte om samen nieuwe ideeën, perspectieven en gedragingen te verkennen. Dat proces kan alleen slagen als dialoog en verbinding centraal staan. In plaats van te focussen op abstracte kaders en methodes, moeten we met elkaar in gesprek gaan over hoe we mensenrechten ervaren in ons dagelijks leven. Mensenrechten liggen dicht bij ieders bed. Het leren erover gebeurt niet alleen in klaslokalen of beleidsnota’s, maar ook in de kleinste, alledaagse interacties.
Ik sluit deze blog graag af met de woorden van Felisa Tibbitts, rapporteur van het forum: “The world is on fire, but we are too”.