Een uittreksel uit het strafregister zegt weinig, maar kost veel
01/12/2025
Afgelopen vrijdag besliste de Vlaamse regering dat ook vrijwilligers in het jeugdwerk voortaan een uittreksel uit het strafregister moeten voorleggen. Wij staan uiteraard helemaal achter het doel van die maatregel: kinderen en jongeren moeten zich altijd veilig kunnen voelen in het jeugdwerk. Dat is en blijft voor ons absolute prioriteit. Maar net daarom maken wij ons zorgen. Deze verplichting brengt dit doel niet dichterbij, integendeel: ze dreigt middelen, tijd en energie weg te halen van wat veiligheid echt versterkt.
Jeugdwerkorganisaties investeren vandaag intensief in integriteit: in preventie, in vorming, in een cultuur waarin nabijheid en alertheid centraal staan. Grenzen worden bespreekbaar gemaakt en gedrag wordt gecorrigeerd nog voor het echt fout loopt. Die aanpak werkt.
Een uittreksel uit het strafregister is daarentegen niet meer dan een momentopname van het verleden. Het biedt geen enkele garantie voor de toekomst. Wat het wel doet, is een gevoel van schijnveiligheid teweegbrengen: het idee dat wie een blanco register heeft, automatisch geen risico vormt.
Ethisch kwetsbaar, juridisch riskant
Deze maatregel verschuift bovendien een verantwoordelijkheid naar vrijwilligersorganisaties die eigenlijk thuishoort bij justitie: de opvolging en begeleiding van mensen met een strafrechtelijk verleden. Als die taak toch aan de samenleving wordt opgelegd, dan moet dat met zorg en duidelijke omkadering gebeuren.
Nu dreigt precies het tegenovergestelde te gebeuren: mensen – vaak vrijwilligers - zonder expertise zullen persoonlijke en complexe dossiers moeten beoordelen. Dat is niet alleen ethisch kwetsbaar, maar ook juridisch riskant. Organisaties zijn straks verantwoordelijk voor zowel de controle als de interpretatie. Ze kunnen bovendien aansprakelijk gesteld worden als hun inschatting achteraf fout blijkt.
"Deze maatregel had er nooit mogen komen. Maar hij is er. En dus vragen wij dat de bevoegde instanties mee verantwoordelijkheid opnemen."
Daarbovenop ontstaan door deze maatregel extra drempels voor vrijwilligers. Wie ooit struikelde, riskeert eindeloos afgerekend te worden op fouten waaruit intussen geleerd is. Dat botst met de pedagogische logica van jeugdwerk en met onderzoek dat aantoont dat kansen bieden juist recidive voorkomt.
Geen echte bescherming
Intussen stijgt ook de administratieve druk: attesten opvragen, informeren, opvolgen, privacyprocedures, documenten vernietigen,... Niet één keer, maar voortdurend, door de blijvende in- en uitstroom binnen het jeugdwerk. Dat alles moet gebeuren met niet-geïndexeerde middelen. Elke euro en elke minuut die hier naartoe gaat, gaat niet meer naar wat wél beschermt: preventie, inzet en begeleiding.
We waarderen dat er geprobeerd wordt om de maatregel te verzachten, onder meer via een neutrale derde partij, een leeftijdsgrens vanaf 20 jaar en een toegankelijker systeem. Dat zijn belangrijke stappen. Maar ze veranderen niets aan de kern: deze maatregel stelt vooral gerust, maar biedt nauwelijks echte bescherming.
Want opnieuw: wij staan 100% achter het doel van deze maatregel. Net daarom kunnen we niet instemmen met een middel dat de veiligheid van onze kinderen en jongeren niet versterkt, maar het jeugdwerk vooral complexer en kwetsbaarder maakt. Veiligheid bouw je niet met extra administratie, maar in relaties, vorming en nabijheid. Expertise die het jeugdwerk de afgelopen jaren heeft opgebouwd.
Daarom vragen wij:
Investeer in wat bewezen werkt: preventie, vorming en sterke integriteitsculturen.
Voorzie de nodige middelen voor alle bijkomende lasten, zodat ze niet ten koste gaan van jongeren
Evalueer deze maatregel jaarlijks: heeft ze werkelijk bijgedragen aan veiligheid? Of creëert ze vooral extra druk op wie er iedere dag rond werkt?
Deze maatregel had er nooit mogen komen. Maar hij is er. En dus vragen wij dat de bevoegde instanties mee verantwoordelijkheid opnemen: met middelen, expertise en een eerlijke jaarlijkse evaluatie.