Jeugdwerk krijgt 1,5 miljoen extra, maar blijft nog ver van de 11 miljoen die nodig is
17/09/2025
Het is beslist: het Vlaams jeugdwerk krijgt in de komende beleidsperiode 1,5 miljoen euro extra werkingsmiddelen. Daarmee ontsnappen we aan erger, maar van echte ademruimte is nu nog geen sprake. Om optimaal te kunnen renderen, had de sector 11 miljoen euro gevraagd. De structurele problemen blijven dus grotendeels onopgelost.
De Vlaamse Regering is momenteel op zoek naar 2 miljard euro om haar begroting sluitend te krijgen. In dat klimaat hing ook boven het jeugdwerk een dreigende besparingswolk.
Intussen is de kogel door de kerk: het jeugdwerk krijgt anderhalf miljoen euro extra werkingsmiddelen. Daarmee stijgt het werkingsbudget voor de sector van ongeveer 38 naar 39,5 miljoen euro. Al is ‘extra’ ook maar hoe je het bekijkt: een groot deel van de toegevoegde middelen komt uit de uitgedoofde subsidielijn van het DAC-decreet – middelen die nu ook al werden ingezet in jeugdwerkorganisaties.
60 organisaties krijgen meer middelen, voor 11 organisaties verandert er zo goed als niets en 11 anderen moeten het met minder doen.
Minister van Jeugd Melissa Depraetere benadrukte tijdens de Commissie Jeugdwerk van de Vlaamse Jeugdraad (17 september 2025) dat “alle organisaties indrukwekkende en grondig voorbereide dossiers hebben ingediend” en dat ze het jeugdwerk niet als besparingspost wilde gebruiken.
Structurele druk op de sector
Hoewel de sector opgelucht is dat er niet bijkomend wordt bespaard, blijft de realiteit voor veel organisaties wel bijzonder kwetsbaar.
Organisaties kampen al jaren met onderindexering, stijgende werkingskosten en een groeiende vraag naar jeugdwerkaanbod. Reserves raken op, jeugdwerkers krijgen soms laattijdig hun loon en de druk op personeel stijgt. Uiteindelijk zijn het de kinderen en jongeren die daar de gevolgen van dragen.
Eis-kar: 11 miljoen gevraagd, 1,5 miljoen gekregen
Om die problemen aan te kaarten, parkeerde het jeugdwerk eind juni haar eis-kar voor het Vlaams Parlement in Brussel. De boodschap was duidelijk: we vroegen 11 miljoen euro om de ingediende beleidsplannen van 80 erkende organisaties waar te maken.
11 miljoen euro komt neer op slechts 0,0162% van de Vlaamse begroting – omgerekend zo’n 4 euro per kind of jongere. Het uiteindelijke extra budget dat nu is toegekend, betekent zo’n 40 cent per kind of jongere.
Tijdens de Commissie Jeugd de dag na de actie verwezen de aanwezige parlementsleden expliciet naar de eis van de sector. Ze noemden de vraag terecht en onderstreepten de waarde van jeugdwerk. Depraetere beloofde toen dat er niet bespaard zou worden – een belofte die ze nu waarmaakt.
Drie bedragen, meer transparantie (en verwarring)
In ons advies 'Het jeugdwerk: een broodnodige investering met hoog rendement' vroegen de Vlaamse Jeugdraad en de sector om meer transparantie bij de berekening van de middelen. Dat leidde tot de communicatie van drie verschillende bedragen:
Het bedrag van de beoordelingscommissies: wat zij inschatten als noodzakelijk, los van budgettaire beperkingen.
Het bedrag binnen de budgettaire context (van mei 2025): bovenstaand bedrag werd aangepast door algemene correcties vanuit het Departement Jeugd.
Het bedrag in de huidige context: Het kabinet heeft nog 500.000 euro extra gezocht en gevonden en die gelijkmatig verdeeld over de organisaties.
Die opsplitsing betekende een stap vooruit in de openheid waar we om vroegen, maar zorgde tegelijk ook voor verwarring.
De bedragen werden namelijk niet in één keer, maar stukje bij beetje gecommuniceerd. Daardoor wisten organisaties lange tijd niet waar ze exact aan toe waren. Hopelijk wordt die verwarring in de toekomst vermeden, zodat transparantie hand in hand gaat met duidelijkheid.
Dit is niet het scenario waarop de sector hoopte, maar erger is voorkomen: er komt géén besparing op het jeugdwerk. Voor die inspanning is het jeugdwerk minister Depraetere alvast dankbaar. Toch blijft de kloof tussen wat nodig is en wat wordt voorzien groot.
Het jeugdwerk wordt maatschappelijk en politiek erkend als belangrijk, maar de middelen zijn nog niet helemaal in lijn met die erkenning. Zonder inhaalbeweging dreigen jeugdwerkorganisaties hun rol steeds moeilijker te vervullen.
En dus blijft onze oproep aan minister Depraetere: maak de komende begrotingsjaren werk van structurele investeringen die het jeugdwerk de ademruimte geeft die ze nodig heeft.